Sterrenmeer

25 Okt

IMG_3735

Lieve I,

Voor een man alleen op reis is een mooie vrouw een zwak punt. En zolang jij je niet laat zien ben ik extra kwetsbaar. Het is geen excuus voor wat er is gebeurd, maar ik voel me er ook niet schuldig over. Iemand zei ooit tegen mij dat dieven vierentwintig uur per dag bezig zijn met manieren om jou spullen afhandig te maken. En dat jij niet voortdurend bezig bent dat te voorkomen. Dat je uiteindelijk dus altijd verliest. Je kunt niet altijd op je hoede zijn. Soms word je afgeleid, zoals door een vrouw in een strak truitje die tegen je aan staat te rijden.

Toen ik vertrok vanuit Chitimba Camp was er nog niks aan de hand. Dat wil zeggen, de vrouw waarvan ik dacht dat jij het was stuurde uiteindelijk een bericht, liet weten dat ze geroerd was door alles wat ik had geprobeerd, maar dat ze niet klaar was voor een relatie en mij niet zou kunnen geven wat ik verdiende. Tja. Tijd voor een nieuwe wandeling dus, langs het meer deze keer.

Ik nam een minibus naar Chiweta, stapte daar over in een shared taxi – de voorruit gebarsten in vijf stukken, twee mannen op de passagiersstoel, drie big mama’s, een kind en ik op de achterbank, twee jongens die, nadat ze de wagen hadden aangeduwd, elk aan een kant in het opengedraaide raam gingen zitten – naar Mlowe. Daar hield de weg op. Ik begon te lopen.

IMG_3599

Lake Malawi is zo groot dat het een zee lijkt. Er waait een wind van de onzichtbare andere kant, daar waar Mozambique is. Het water is afwisselend fel blauw, diepgroen of loodgrijs. Als de Indische Oceaan bij Dar es Salaam, maar dan zonder de zilte smaak. In de baaien, daar waar het water kabbelt in plaats van golft, zijn strandjes van wit zand, liggen de houten kano’s op de kant en drogen de zilveren gevangen visjes op groene netten. Altijd dampt er ergens een potje op het vuur, staat een vrouw kromgebogen over een wasteil, rennen blote kinderen over het aangeveegde erf. De toegang tot de wereld is drie, vier, vijf uur lopen over een voetbreed pad langs de oever, door de heuvels naar het volgende dorp, waar twee keer per week veerboot Ilala aanlegt – als die tenminste niet uit de vaart is. Hier is het leven eentonig, simpel, hard en vredig. De rijken zouden er kapitalen voor over hebben om te wonen met dit uitzicht, maar ik hoop dat er nooit een weg wordt aangelegd.

De eerste nacht sliep ik op het strand. Diner met een mandasi, een soort oliebol, uit het vuistje en een cola om het weg te spoelen. Ik sprokkelde hout voor een vuurtje, staarde naar de duizenden sterren en groette de voorbij peddelende vissers; lichtjes op de achtersteven, zingend in het donker. Hoe romantisch wil je het hebben?

IMG_3551

De volgende dag liep ik over dat eindeloze pad langs het water, over de rotsen, over de strandjes, door het bos, door de dorpjes. Waar mensen waren werd ik vriendelijk begroet, aangestaard, aangesproken – ‘How are you? Fine! And you?’ Er komt hier niet elke dag een azungu (de lokale variant van mzungu) voorbij en dus was ik overal een bezienswaardigheid. Af en toe kreeg ik een ‘hond’ achter me aan – een lokalo die mij interessant vond, tegen me aan begon te praten en deed alsof hij (altijd een hij) dezelfde kant op moest. Ik antwoordde onwillig en na een tijdje, wanneer de vragen of de kennis van het Engels op waren, droop de volger af en was ik weer alleen met het meer, de rotsen en de zon.

Op dag vier, na een dag rust, een fatsoenlijk bord eten en een koud biertje bij de Zulunkhuni Lodge in Ruarwe, passeerde ik een schooltje. Een van de kinderen kreeg mij in de gaten. Onmiddellijk ging het azungu alarm af. Hij wees, schreeuwde in uitzinnige opwinding: ‘Azungu, azungu’! Toen merkten ook de anderen mij op. In no time werd ik omsingeld door kinderen. Een veertig-koppig koor reageerde op het signaal en scandeerde: ‘A-zung-gu! A-zung-gu! A-zung-gu!’ Alsof zojuist de oorlog was gewonnen en de bevrijders door de straten marcheerden. En zo werd Niemand in het Bijzonder op een doorsnee maandagmorgen in september de held van de dag in een Dorpje van Niks ergens aan het meer in Malawi. Gewoon door te zijn wie hij was en te doen wat hij deed.

 

Ik was ruim op tijd in Usisya om de Ilala te halen, zodat ik niet nog twee dagen over de bergen hoefde te lopen. Bij het uitstappen in Nkhata Bay ontmoette ik Simon en Kathrin, die enkele dagen later mijn partners in crime zouden worden. Maar eerst moest ik nog terug naar het noorden, naar Chitimba Camp, waar ik Landcruiser had achtergelaten onder de hoede van Ed en Carmen, het stel dat ik in Nederland nooit ontmoet had, maar dat bijna familie is, omdat Ed jarenlang voor mijn oom werkte. Hij kent mijn ouders en zo’n beetje al mijn ooms en tantes en hoewel hij er niet vandaan komt heeft het dorp waar ik opgroeide waarschijnlijk minder geheimen voor hem dan voor mij. Een vreemde, maar aangename gewaarwording als je midden in Afrika staat, na bijna elf maanden reizen.

_J5A9149

Na een avond muziekjes luisteren met Ed bij een flesje green (Carlsberg pils) reed ik in twee dagen naar de zuidelijke punt van het meer, naar het driedaagse Lake of Stars festival, zo’n twintig kilometer boven Mangochi. Dat festival is een begrip. Het is een van de weinige in zijn soort en omvang in dit deel van het continent en de beste artiesten van Zuid en Oost Afrika treden er op. Twee van de drie podia zijn op het strand direct aan het meer. Het is dé place to be en elke mzungu die in de buurt is gaat erheen, evenals de Malawianen die het kunnen betalen. Het was daar waar het gebeurde. Ik had gewaarschuwd moeten zijn, en ik was gewaarschuwd – ik reis rond in Afrika, ik ben niet anders dan gewaarschuwd – maar soms ben je dus niet op je hoede.

’s Middags al was Simons camera gestolen. In de drukte voor het hoofdpodium, terwijl hij bezig was met andere dingen (te weten zijn kersverse Franse scharrel), had iemand het ding uit zijn tas ontfutseld. ’s Avonds was het mijn beurt. Simon had geen zin meer om te feesten en was op de camping, Kathrin stond ergens verveeld versierd te worden door een dreadlockneger en ik stond aan de bar de boel te bekijken. En toen danste er een meisje mijn beeld binnen. Zij lachen, ik lachen, je kent het wel. Even later stond ze naast me. Nou ja, nogal tegen me aan, zeg maar. Ik was niet verbaasd, ik ben een mzungu in Afrika en dit is wat er gebeurt op plekken zoals deze. Lichaamstaal, weetjewel, praten is voor later. Ze zag er bepaald niet onaardig uit in haar strakke topje en te korte broek en ik stond daar anders ook maar wat te staan, nietwaar?

Van de vele nieuwe spullen die ik kocht voor ik vertrok was de Samsung Galaxy S3 misschien wel de beste aankoop (nou ja, na Landcruiser zelf natuurlijk, maar die is hors catégorie). Veel zaken zijn slecht geregeld in Afrika, maar mobiel bereik heb je vrijwel overal. Met een lokale simkaart kun je voor een paar stuivers mailen, facebooken en whatsappen en daar waar GPS-vriend Garmin mij in de steek liet, vond ik met kaartenapp MapsWithMe meestal een weg uit de chaos. Als een camera te opzichtig was, kiekte ik in het geniep met de telefoon. Soms belde ik zelfs iemand.

Ik ben nog teruggegaan, naar die plek aan de bar. Hetzelfde meisje stond er nog. Ze wist van niks, maar ik mocht haar wel fouilleren, zei ze. Ik heb het niet gedaan. Ik weet niet of zij het was, of ze in het complot zat. Het was druk bij die bar, het kon iedereen geweest zijn.

De volgende dag hoorden we meer verhalen over gestolen spullen. Telefoons, camera’s, een laptop die verdwenen was uit een tent. Ook ging het gerucht dat er iemand verdronken was in het zwembad van het hotel. Dat had er verder niks mee te maken, maar het droeg bij aan de sinistere sfeer die vanaf dat moment om het festival hing. Simon en ik lieten ons gaan in een cynisch becommentariëren van alles dat Afrikaans was. Want het waren ‘zwarten’ geweest, daar twijfelde niemand aan. Een bende waarschijnlijk, waarvan de leden gewoon een kaartje kochten, dus legaal binnen waren, en de kosten vervolgens dik terugverdienden door dure spullen te stelen. Desondanks besloten we die avond te minglen met de lokale bevolking, ze voor de gek te houden waar ze bij stonden. Revenge!

IMG_3510

Vervolgens besloot ik mijn slippers te verliezen. Dansen op het strand gaat nu eenmaal beter op blote voeten en ik hield ze bewust niet voortdurend in de gaten. Je wilt ook niet altijd op je hoede zijn. Bovendien had ik al nieuwe klaarliggen in de auto.

Ik heb nog wel gezocht. Toen iedereen vertrok naar het andere podium speurde ik het zand af. En als een hond in het donker met de neus over de grond, snuffelde ik tegen Anni aan.

‘Hoi. Heb jij misschien mijn slippers gezien?’

Niet meteen een openingszin die perspectieven opent voor een wilde nacht, maar, zoals iemand ooit tegen mij zei: ‘het gaat er niet om wat je zegt, het gaat erom dat je iets zegt, en de manier waarop.’

Ik mocht met haar meelopen naar het andere podium. Haar vriendin verdween tactisch uit het zicht om voorlopig niet terug te komen. Anni was niet erg spraakzaam, kwam niet echt los, ook al probeerde ik haar op allerlei manieren uit te dagen, aan het dansen of aan het lachen te krijgen. Toch week ze ook niet van mijn zijde, zelfs niet toen haar vriendin uiteindelijk terugkwam met een andere vriendin om haar over te halen te vertrekken. Maar pas toen ik haar, op weg naar de wc, uit pure baldadigheid vloerde en ze ruggelings op het strand lag, brak haar verzet en mocht ik haar zoenen.

Op de laatste dag van het festival, ik was ’s middags met een mij onbekende Deense schone spontaan naar een van de boten gezwommen die op het meer dobberden, waar we door een nachtclubeigenaar met ontbrekende voortanden, omringd door wat dubieuze, maar uiterst vriendelijke types uitgenodigd werden om een pilsje mee te drinken en mijn zwempartner met net niet zoveel woorden werd gevraagd of ze geen interesse had om eens in die club in een kooi te komen dansen (en oh ja, ik mocht ook komen hoor), zag ik Anni terug. Nu vleiden we ons, weg van de drukte, neer aan de rand van het water en kreeg ik toch haar verhaal. Het was ‘complicated’, zei ze en hoe meer ik te horen kreeg, hoe meer ik het daarmee eens was. Ze was 31, had een relatie met een Australiër van 53 die voor de VN werkt, in Tanzania woont en een ex-vrouw heeft die zijn huis in Australië heeft gekregen, maar nu ook op slinkse wijze probeert zijn huis in Tanzania in handen te krijgen. Anni had ruzie met hem omdat hij te weten was gekomen dat ze een affaire had met een goede vriend van haar. De affaire was ten einde, maar hij dreigde haar nu te verlaten, wat extra vervelend was, omdat hij haar een maandelijkse toelage stuurde waar ze van leefde. Ze was bezig met dat geld een lodge te bouwen en was van hem afhankelijk. Ze had, dankzij hem, weliswaar aardig wat gereisd, enige cursussen gedaan in het buitenland, maar verder niet meer opleiding dan basisschool. Een baan vinden zou moeilijk zijn.

Complicated,’ beaamde ik en zoende haar.

‘Als je wilt ga ik maandag met je mee naar de politie voor de aangifte van je gestolen telefoon,’ zei ze. ‘Ik ken daar iemand. En je mag wel bij mij logeren, ik heb ruimte zat.’

IMG_3147

En zo reed ik de maandag na het festival naar het huis van Anni. Ze had een ruime, ommuurde compound met een groot huis in het midden, een apart gebouw met twee kamers en een badkamer daarachter, en een schuur, waar huishoudster Lonny het eten maakte op een houtskoolvuur. Het was inderdaad niet af; de muren waren nog niet geschilderd, in de ramen zat voorlopig alleen een muskietennet, er was geen water in de keuken. Naast zijzelf woonden in het huis ook haar twee neven; een zoon van haar oom, en het zoontje van haar zus, dat zij opvoedde, terwijl zuslief zelf twee jaar lang in Zuid-Afrika zat om te zoeken naar werk. Ze had ook nog een broer, maar die zat in de bak, vanwege een of andere caféruzie, vandaar dat ze mensen kende bij de politie. Haar ouders leefden niet meer, en ook een tweede broer had ze ooit verloren.

Complicated,’ dacht ik.

Ik mocht een kamer uitkiezen en koos die met de aparte badkamer en het tweepersoonsbed. Anni’s bed, zo bleek later, dat ze had verplaatst omdat ze tijdens het festival gasten had gehad, maar niet genoeg bedden om ze allemaal te laten slapen. Maar ze ging wel naast me liggen, zei ze.

Ik bleef een week. Anni vond het wel fijn om tegen iemand aan te kunnen praten als haar relatie weer eens belde om ruzie te maken en te dreigen haar te verlaten. En wat is er fijner voor een man alleen op reis om even uit te kunnen rusten terwijl er een mooie vrouw om hem heen dartelt? Af en toe reden we naar het centrum van Mangochi, waar ik de aangifte en wat andere dingen kon regelen. Ik voelde de jaloerse blikken van de mensen op straat, die bewonderend keken naar die Afrikaanse vrouw die bij een mzungu uit een vette Landcruiser stapte, en naar die mzungu, die het mooi voor elkaar had, met zo’n lekker wijf in zijn auto.

‘Als hij je verlaat, trouw ik met je!’ riep een jongetje, dat net oud genoeg was om zelf zijn schoenen te kunnen strikken. Maar ik wist dat hij verwoordde wat de jongens die met hun brommers rondhingen onder de mangoboom stiekem dachten.

Aan het eind van die week kampeerden we twee nachten aan het strand in Cape McClear. We dronken een cocktail bij een van de luxe lodges, en gingen snorkelen bij een van de eilandjes die oprezen uit het koele water van Lake Malawi. Terwijl ik ronddobberde meldden zich twee militairen die, volkomen willekeurig, park fees kwamen innen. Anni’s Afrikaanse vrouwentemperament ontbrandde bij zoveel onzin en ik dook wijselijk onder om pas weer boven te komen toen de officials met de staart tussen de benen in hun bootje de weg terug zochten naar het vasteland.

IMG_3722

En toen was het tijd om verder te gaan. Want ik vond het wel gezellig, die mooie dametjes om mij heen, maar ik was nu genoeg afgeleid. Ik ben natuurlijk eigenlijk op zoek naar jou en ook aan het water was je niet te vinden. En dus nam ik afscheid van het Sterrenmeer en ging ik verder landinwaarts, richting Zambia. Je moet ergens zijn, en waarom niet daar?

Tot gauw?

Liefs,

N

Advertenties

5 Reacties to “Sterrenmeer”

  1. pikauster 28 oktober 2014 bij 16:00 #

    De Cinderella attack. Klassiek.
    Had ik ook, in Brazilië.
    Mijn Cinderella heeft er nog wel hard voor moeten werken.

    Anni ziet er mooi uit.
    Maar complications moet je vooral snel genoeg achter je laten.
    Goed gedaan dus.

    Take care.

  2. Piet en Bernadette Swolgen 29 oktober 2014 bij 18:57 #

    Hoi,

    Bedankt voor weer een prachtig verhaal, dat ik op je verjaardag heb gelezen. Van harte gefeliciteerd! Ik hoop dat je ook van het vervolg van je reis zult genieten. Ik kijk al uit naar jouw volgende verslag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: