Gedeeld geluk is dubbel geluk

29 Dec

IMG_6790

Liefste,

Ik zit in Dubai, aan de rand van een zwembad met water dat blauw blinkt en zilver schittert als kwik. Het weerspiegelt deze stad als het ware, weerkaatst de glitter die van de wolkenkrabbers spat. Het beste en het slechtste dat het kapitalisme te bieden heeft komt hier samen. De Burj al Khalifa, met ruim achthonderd meter het hoogste gebouw ter wereld, torent boven alles en iedereen uit, degradeert zelfs flats van 60 verdiepingen tot Lego. Men bouwt hier eilanden in de vorm van de wereld, indoor skihellingen in het hart van de woestijn en shopping malls waar je nooit meer uitkomt. Er zijn meer vijfsterrenhotels dan moskees en toch kan het altijd groter, duurder, luxer: het beste hotel in de stad heeft maar liefst zeven sterren.

In Iran was ik met mijn Landcruiser the boss in het drukke verkeer van speelgoedautootjes, en ook in Dubai zijn auto’s speelgoed, maar dan van jongetjes met een te kleine jeweetwel. Ineens mag ik nog net meespelen, maar niet meer met de grote jongens. Landcruiser is troef, maar als het niet blinkt is het niet van belang.

Hier moet je zwelgen in al het goede dat je met geld kunt kopen. Je niet druk maken om de wereld, alleen relaxen en genieten. En dus zit ik aan de rand van dat zwembad, in de zon, een fris windje in de haren, living the good life. In het goedkoopste hotel van de stad, dat dan weer wel.

Ik weet niet waar ik moet beginnen je bij te praten over mijn belevenissen in Iran. Je kunt je nauwelijks voorstellen wat er gebeurt in een maand reizen. Soms denk ik dat mensen niet sterven omdat het lichaam ermee ophoudt, maar gewoon omdat het hoofd volloopt, met indrukken, ervaringen, herinneringen. En op een gegeven moment past het niet meer, kan er niks meer bij. Dan stort de boel in elkaar.

Zo ver ben ik nog niet. Wat ik maar wil zeggen is dat ik alles met je zou willen delen, terwijl ik weet dat dat niet kan. Erbij zijn is de enige manier. En daar zit hem de kneep, I. Je bent er niet, en ik mis je. Geluk is nou eenmaal een van die dingen die groter worden als je ze deelt. Laat ik je daarom ondanks alles proberen mee te nemen, zo ver als ik dat kan.

Naar Tabriz bijvoorbeeld, waar ik met mijn neus in Ashura viel, de treurceremonie ter nagedachtenis aan Imam Hoessein. De traditie wil dat in de week voorafgaand aan en op de dag zelf processies plaatsvinden die aanvangen met het op straat slachten van een of meerdere schapen. Vervolgens trekt men in zwart gekleed en zichzelf symbolisch geselend met een soort metalen zweep in optocht door de stad onder het ritueel aanroepen van de naam van de martelaar. Het huilen van de mannen is niet gespeeld.

Mustafa, student toerisme voor wie ik een enquete had ingevuld, nam me mee de stad in en bracht me naar de bazaar, waar het geheel tot een climax kwam; nauwe benauwde steegjes, vol met mensen, wierook en het voortdurend ritmisch herhalen van die ene naam: ‘Husain, Husain, Husain.’ Je blijft een toerist, maar als het maar lang genoeg aanhoudt dreunt de drum door tot in je hart en weet je dat het hier menens is.

Tussendoor ben ik dan al volgestopt met bananen, zoete broodjes, dadels en een witte smurrie die een heerlijk toetje zou moeten zijn, uitgedeeld door mensen langs de weg. Want dat geslachte schaap, dat is symbolisch voedsel voor de armen en met Ashura deelt iedereen eten uit aan iedereen. Ik word meegetroond naar de moskee, waar iedereen plaatsmaakt als ware ik de profeet zelf, en waar ik tussen de mannen (alleen mannen) in kleermakerszit op het Perzisch tapijt een bord rijst met gebraden kippenpoot verorber. Mustafa straalt; ik ben zijn gast en als zodanig verleen ik hem een status die hij nooit zou hebben zonder mij. Zelfs de meisjes op straat kijken bewonderend naar hem op. Ik ben Niemand in het Bijzonder, een slonzige reiziger op weg naar nergens, maar in Iran is de vreemdeling een koning.

In Qazvin op de parkeerplaats bij het mausoleum van Imamzadeh tref ik, niet geheel toevallig, Bruno en Lina, het Duitse stel met de Mercedesbus dat ik ken van de Turkse grens. De parkeerplaats is een perfecte kampeerplek, met stromend water en w.c.’s. B&L zijn meesters in het vinden van dat soort plekken. Ze hebben Kerem bij zich, een Turk op een fiets, die thuis in Istanboel zijn huis van tijd tot tijd ter beschikking stelt aan reizigers (couchsurfing) en daarom vrienden heeft in Teheran. Hij en B&L zijn vanaf dat moment mijn vrienden in Iran. Gedurende de hele maand zoeken we elkaar op, of komen elkaar min of meer spontaan tegen op straat, op weg naar, of terugkomend van een bezienswaardigheid. Het contact is meestal kort, maar dit zijn de momenten dat je weet dat je niet alleen bent, dat je weet dat er iemand is die snapt waar je bent en herkent wat je meemaakt. Iemand, kortom, met wie je af en toe kunt delen.

IMG_7391

Kerem laat zijn fiets achter in Qazvin (dat kan hier gewoon. Iraniërs zouden je fiets 40 kilometer verderop na komen brengen als het nodig is) en stapt nu bij mij in de auto. We zijn ongeveer een week samen onderweg. We rijden twee dagen over kriskrossende wegen op weet ik wat voor hoogte, kamperen in de bergen, op plekken waar het toevallig net vlak is, koken en eten in de kou en de regen, bezoeken Alamut en Lamiasar Castle in de mist en eindigen in Karaj, onder de rook van Teheran, op een tapijtje op de grond in het huis van Khosrow en Nargiss.

IMG_6309

Khosrow heeft eerder bij Kerem overnacht, maakt leren tassen en muziek. Zijn huis is ons huis en dat geldt, naar later blijkt, ook voor het huis van zijn vrienden, waar we ’s avonds voor het gemak – en voor hen totaal onverwacht – welkom zijn voor het eten. Gastvrijheid is hier tot kunst verheven. En dan bedoel ik niet een genereuze uitnodiging voor een georganiseerde vernissage, dan heb ik het over een simpel kopje thee, een dadel en een paar vriendelijke woorden voor een vreemdeling die toevallig voorbijkomt.

Al kunnen ook Iraniërs overdrijven. Als Kerem en ik bij een volgende vriend van Kerem in Teheran overnachten staat het eten klaar als we aankomen. Om twaalf uur ’s nachts. We hebben gegeten, maar wat kun je doen? Bij het vertrek de volgende dag krijgen we beide een A3-formaat plastic tas vol met chocola, een tweede plastic tas vol met fruit en een bakje zelfgemaakte jam in de hand gedrukt. Ik ken die mensen niet, ik heb er alleen uitgebreid gegeten en gebruik gemaakt van een bed en de badkamer. Het is beschamend en hartverwarmend tegelijk.

Maar dan heb ik het nog over mensen die ik via via ontmoet. Het wordt nog gekker als ik in Bandar Kangan, een plaats zonder plek in welke reisgids van Iran dan ook, op een parkeerplaats een kopje thee sta te maken en aangesproken word door een meisje. Jazeker, een meisje. Ze heeft vanuit de auto naast mij zitten kijken en wil nu weleens weten hoe het zit. We kletsen wat, iets langer dan normaal, – want hé, hoe vaak wordt ik nou aangesproken door een meisje in Iran? – maar na een kwartier is ze weg. Als mijn water kookt komt ze terug. Haar tante, blijkbaar naast haar in de auto, vraagt of ik geen zin heb morgen te komen lunchen. Ze eten vis. Nou ja, weet je, ik eet niet elke dag verse vis uit de Perzische Golf en echt haast heb ik ook niet. ‘Wacht even,’ zegt ze. Even later komt ze weer terug. Of ik niet ook wil overnachten? Het is geen probleem, haar vriendje is erbij (ik dacht al, ze zal toch niet bedoelen… maar zo gastvrij zijn ze zelfs hier niet).

Die avond rook ik shisha (waterpijp) met Sara en Kavian op de bank van hun tante, drink ik een mixje van een of andere (illegale) sterke drank met vruchtensap en krijg ik een logeerkamer met eigen badkamer toegewezen. De volgende dag smikkel ik van de beloofde vis en omdat het toch te laat is om verder te reizen, nemen ze me mee naar Siraf voor wat sightseeing. Ik blijf nog een nacht en als het aan hun ligt kom ik er wonen, zo lijkt het.

IMG_6986

Let wel, I., dit zijn geen uitzonderlijk verhalen. Vraag het een willekeurige reiziger in Iran en iedereen heeft zoiets meegemaakt. Ja, je moet naar Isfahan, met zijn gigantische plein, zijn musea, zijn moskeeën en zijn tuinen, het is prachtig. Ja, je moet naar Yazd, met zijn nauwe straatjes en zijn badgirs (een soort schoorstenen voor isolatie) en zijn zoetigheden (Yazdi sweets, I., onthoud dat!). Ja je moet naar Shiraz, met zijn kasteel en de tombe van zijn beroemde dichter Hafez. Maar het gaat om de mensen. De gewone simpele mensen op straat die je aanspreken omdat je een vreemdeling bent. Waar ik in andere landen onmiddellijk op mijn hoede ben bij iedereen die mij spontaan en vriendelijk groet – het betekent meestal dat ze iets willen verkopen – neem ik hier de tijd om te antwoorden. Ze zijn oprecht nieuwsgierig. Het zijn altijd dezelfde vragen – Waar kom je vandaan? Wat doe je hier? Wat vind je van Iran? Waarom ben je alleen? – maar het wordt nooit vervelend. Soms duurt een praatje wat langer en word je uitgenodigd om te komen eten, meestal is het antwoord op genoemde vragen genoeg en lopen ze verder. Niet opdringerig, niet aandringend, gewoon geïnteresseerd. Het is dat wat Iran bijzonder maakt en waardoor je weet dat je veilig bent, wat welke politicus dan ook moge beweren.

IMG_6653

En dus ging ik kamperen. Overal waar dat kon. En het kon op schitterende plekken; in de mistige bergen in het noorden met Kerem, bij een oase in de weidse woestijn bij Garmeh, tussen de zandkastelen in de Kaluts en op het eiland Qhesm, waar ik twee dagen lang het strand en de zee voor mij alleen had.

IMG_7081

IMG_7653

Maar het lot van de reiziger is dat hij verder moet. En dus trok ik naar Bandar Abbas, daar waar je Perzië per boot kunt verlaten. Als je tenminste de juiste papieren en stempels hebt. Een dag lang droeg ik documenten van de ene balie naar de andere, maakte een kopie hier, haalde een stempel daar, liet mijn paspoort zien bij het kastje en betaalde vervolgens bij de muur. En tussendoor kreeg ik familie; een Duits stel op de motor, een gepensioneerd echtpaar in een Landcruiser en een Frans gezin dat met zes (!) kinderen in een bus de wereld rondreist. Samen gingen we de bureaucratie te lijf en hoewel dat de zaken op geen enkele manier versnelde maakte het het lijden draaglijk. In tegenstelling tot geluk wordt smart, zoals je weet, gehalveerd als je het deelt.

Na een nacht kamperen op de boot bereikten we Sharjah. En daar begon het hele verhaal opnieuw. Toen we na een morgen al voetballend wachten in de haven om half twee uiteindelijk een briefje in de hand gedrukt kregen met de te volgen stappen en De Snor ons op het hart drukte dat vóór zes uur te regelen, omdat iedereen dan naar huis zou gaan, dachten we nog dat hij een grapje maakte. Maar toen we uiteindelijk de haven uitreden deed de politie achter ons de lichten uit.

De volgende dag was het vrijdag op Kite Beach in Dubai en omdat moslimvrijdag christenzondag is, viel er niks anders te doen dan zonnen, zwemmen en voetballen. Heel even waren we een doodnormale familie op een vrije dag aan het strand. Maar onder veel vredige gezinnen ligt een andere waarheid en op moslimchristenzaterdag viel alles uit elkaar. Zo gaat dat.

In de drie dagen daarna bezocht ik één gigantische Toyotagarage, één visumdienst, twee ambassades, twee reisbureaus, twee geldwisselkantoren, twee shopping malls en een zeecontainervervoerder. Soms is reizen is ook gewoon werk. Tot kerstavond. Toen liet ik mij door een taxi naar de bar van een vijfsterrenhotel brengen, waar ik mij na een paar veel te dure biertjes teveel opstelde als een gentleman en tot driemaal toe een dronken Filipijnse schone opving die in mijn armen ineenstortte om vervolgens de vloer onder de kotsen. Aan het eind van de nacht brachten twee onroerend goede Pakistani (‘Selling property, volgens henzelf) mij in hun gouden Mercedes naar huis. Ik zei het al, living the good life.

IMG_7970

Om in stijl af te sluiten zoefde ik op eerste kerstdag naar de 63ste verdieping van hotel The Address Downtown (*****), voor twee cocktails op kosten van de portier die mij twee dagen eerder eerst niet, toen voor vijftig Dirham en tenslotte gratis bij het hotel liet parkeren, toen ik hem van mijn reis vertelde. Nadat ik een derde cocktail gewoon zelf betaalde en mij door twee dames in avondtoilet twee oesters liet voeren besloot ik dat het genoeg was. Er is nog meer te doen. Dit alles was immers slechts het voorgerecht. Het hoofdgerecht komt nu.

Ik wens je een fijne jaarwisseling, I., waar je ook bent. Dat jij en ik elkaar in 2014 mogen vinden.

Liefs,

N.

Advertenties

4 Reacties to “Gedeeld geluk is dubbel geluk”

  1. Simone 29 december 2013 bij 15:35 #

    Mooi verslag alweer. Door dit te lezen (heel veilig, thuis op de bank, met mijn Ipad op schoot) reis ik een beetje met je mee en zelfs dan is het nog spannend!

  2. Maria 29 december 2013 bij 20:27 #

    Wat heel veel mensen willen en er alleen maar over praten dat DOE jij toch maar in je eentje. Fijn dat je met ons allen je mooie reisavonturen wilt delen. Reis lekker verder in 2014. Groetjes, Maria

  3. Martijn 1 januari 2014 bij 23:45 #

    Dag,eh, niemand in het bijzonder,

    Het is een mooi en heerlijk te lezen reisverhaal. Je hebt gelijk, al zijn de visuele hoogtepunten nog zo hoog uiteindelijk maken vaak de ontmoetingen met ‘gewone mensen’ de meeste indruk. Stervelingen zoals jij en ik die ook op dit moment op de wereld hun leven (be)leven. Proef de ervaring ten volle als die nog heet is en analyseer deze pas achteraf als deze is afgekoeld. Rest mij als nieuwsgierig mens nog een vraag…wie is ”i’…zou het de afkorting zijn van ”ik” (niet mijn ik maar jouw eigen ik die Niemand in het bijzonder gaat ontmoeten….een Limburgse filosoof zei ooit: ”reizen is bewegend stilstaan bij andere culturen, andere mensen, andere omgevingen maar bovenal bij jezelf”…of zou het de afkorting zijn van ‘Iemand’ in het bijzonder’ die niemand gaat ontmoeten of misschien…. het geheim van de schrijver, de muze om zijn verhaal aan te verhalen.
    Over Dubai, een luxe oase maar vergis je niet…het is ook een plek waar apartheid en slavernij nog hoogtij vieren…even genieten en dan Doei-Bye.
    Ben benieuwd hoe SA je gaat bevallen.
    Ik wens je vanuit deze plek een goed en onvergetelijk 2014!

    Hartelijke groet,

    Martijn

  4. Femke 4 januari 2014 bij 12:41 #

    Neef, wat een indrukken, beelden en vooral verhalen.. talent, blijft boeiend en vooral leuk je te volgen. Geniet in 2014 volop verder! Groet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: