Discodip

20 Dec

Lieve I.,

Vandaag moest ik aan discodip denken. Ik eet eigenlijk bijna nooit meer softijs, maar als het ervan komt neem ik ook discodip – je kent het wel, van die minuscule knapperige bolletjes in alle kleuren van de regenboog, waar ze bij de snackbar een bak vol van hebben en waar ze, als je dat vraagt, het ijs doorheen halen. Het is eigenlijk iets voor kinderen en het gaat meer om het beeld dan om de smaak, want als je het eerste laagje ijs eraf gelikt hebt, zijn alle bolletjes verdwenen en houd je alleen een kale witte smurrie over. Toch is het de moeite waard, vind ik. Sterker, zonder discodip is een softijsje eigenlijk nogal… nou ja, saai.

Afijn.

Ik liep door de bazaar in Shiraz en zag daar mensen op een plastic stoeltje zitten met een bakje witte slierten. Nu wil ik mij als reiziger zoveel mogelijk opstellen als participerend onderzoeker, en dus benaderde ik onbevreesd de man achter de vitrine. Wat dat nou was dat hij verkocht. ‘Faludeh,’ antwoordde hij. Als ik niet beter wist had ik gedacht dat hij een mij onbekende vogelsoort nadeed, vergelijkbaar met de ervaring wanneer een Iraniër ‘Toyota’ uitspreekt – wat ongeveer klinkt als ‘twieta’. Maar grondig voorbereid als ik hoor te zijn als participerend onderzoeker, herkende ik het woord. Het is een specialiteit van hier. ‘Rice,’ zei hij erachteraan. ‘Noodles,’ zegt Lonely Planet. Verkoper kon het combineren met bastani, Perzisch ijs, als ik wilde. Dat wilde ik.

Ik zette mij op een plastic stoeltje en begon te lepelen. Faludeh is knapperig, geeft daarmee extra textuur aan het ijs en is zoetig van smaak – zoals discodip, maar dan minder kunstmatig, zonder kleur en het smaakje komt volgens mij van het ‘rosewater’ dat ze eroverheen gieten, niet van die slierten zelf. In de verste verte géén discodip dus, maar zo gaan gedachten soms. (Mag ik dat rosewater overigens letterlijk vertalen als rozewater en is dat dan hetzelfde goedje als dat van dat lulletje? En is dat dan van rozen gemaakt? Misschien kun je dat eens uitzoeken, I., als je een keer niks te doen hebt).

IMG_7242

Nu ik het dan toch over typisch Iraanse zaken heb, wil ik de Zamyad niet onvermeld laten. Je hebt natuurlijk de Paykan (meestal wit), die mij aan de aloude Simca doet denken, er is de alomtegenwoordige Saipa Saba (meestal wit), die op een mislukte Peugeot lijkt, en dan is er natuurlijk de Peugeot zelf (meestal wit), die een mislukte Peugeot is, want, in elkaar gezet in Iran, haalt die zelfs niet de minimale kwaliteit die je van een Franse auto verwacht – bij het minste of geringste valt het ding uit elkaar.

Maar de koning van de Iraanse weg, het oertype van de Iraanse auto, zeg maar de DAF van Perzië, is de Zamyad. Als ik een nieuwe vlag voor dit land mocht ontwerpen zou een afbeelding van de Zamyad daarin een centrale plaats innemen. Ik heb het hier over een kruising tussen een pick-up en een kleine vrachtwagen, gemaakt om alles te vervoeren wat te groot is voor een Honda-brommer en niet groot genoeg voor een serieuze truck, van schoenen tot schapen, van uien tot afzuigkappen. De Zamyad is er maar in één type en één kleur – blauw – want waarom zou je een andere maken als deze perfect is?

De Zamyad is zo traag als een dronken kameel en zijn draaicirkel heeft de diameter van de middencirkel van een voetbalveld, maar deze ‘masjien’, zoals een auto hier heet, rijdt dus wel gewoon bergen op waar zelfs mijn Landcruiser de nodige moeite mee heeft. De chauffeur is meestal een ongeschoren man van 53 met een gescheurde jas en een besmeurde broek die, beide armen om het stuur gebogen en met de neus zowat tegen de voorruit gedrukt, verveeld zijn kilometers maakt. Hij doet dat al zijn hele leven. De Zamyad is nog van zijn grootvader geweest. Soms zit het gezin ernaast, meestal is er iets van versiering aanwezig: een tapijtje, een hangertje, een referentie aan de grootheid van Allah.

Je kunt de Zamyad uitbouwen tot proporties naar keuze, al naar gelang je lading. Niet zelden torent die lading natuurlijk boven de uitbouw uit, waardoor zelfs deze onverwoestbare krachtpatser een beetje gaat slingeren – het zou wat, de weg is hier breed genoeg. Lichten heeft de Zamyad overigens niet nodig – als de koning komt wijkt iedereen eerbiedig terug. Nu ja, het moge duidelijk zijn, ik overweeg mijn twieta in de verkoop te gooien en zo’n blauwe masjien te kopen. Eens kijken wie in Afrika de koning van de jungle is.

IMG_7575

Iraanse zaken dus, don’t get me started. De chador, oftewel ‘de tent’, zoals de letterlijke vertaling luidt. Begrijp me goed, ik heb niks tegen tenten, zeker niet als er een leuke vrouw in zit, maar dat is dus het punt: je kunt dat niet zien. Mijn ogen zitten hier bepaald niet in mijn achterzak, daar zitten ze thuis ook niet – hoe zou ik je anders moeten herkennen? –  maar het is toch moeilijk onderscheid maken tussen de ene schuifelende zwarte gestalte en de andere. Er kan net zo goed een geribbelde gum van 83 in zitten als een glanzende godin van 26. En ze worden niet geacht zomaar met vreemde mannen te praten.

IMG_7445

Nu is ook hier in de grote steden de moraal wat vrijer dan op het platteland en als je oplet zie je regelmatig hippe gympen onder het tentdoek uit steken. En als ik zie wat ze in de bazaars aan ondergoed verkopen dan kan ik alleen maar dromen van wat er nog meer onder zit. Veel vrouwen zoeken de grenzen op; geen chador, alleen een lange jas en een dunne sjaal over het hoofd. Want het gaat natuurlijk om die ronde vormen en dat verleidelijke gezwaai met dat haar. Dat hebben die religieuze jongens goed begrepen – die hebben thuis ook vrouwen en dochters en in de achterzak zit de portemonnee al.

Sommige meiden hebben een knot of een staart, waardoor de doek ver, ver op het achterhoofd blijft hangen. Eronder gestifte lippen die knalrood afsteken tegen een zacht getinte huid. En dan ogen, I., ógen. Er is natuurlijk niks mis met die van jou, maar als ik mocht kiezen waren ze onpeilbaar Perzisch bruin. En dan daarmee toch stiekem kijken. Want het blijven meiden en flirten kunnen ze. Liefst als ze minstens met zijn drieën zijn. Alleen zijn ze nooit.

IMG_7413

En ook al zou je in gesprek raken, wat dan? Ze wonen allemaal bij hun ouders, of ze zijn getrouwd. Fatsoenlijke kroegen zijn er niet. Feestjes zijn er wel, schijnt, en alcohol natuurlijk ook – waar de regels te streng zijn is de zwendelaar spekkoper – maar hoe verleidelijk ze zich ook proberen te gedragen, meisjes worden ingesloten in een web van familiebanden. Probeer daar maar eens doorheen te breken.

Mijn God, I., het is allemaal prachtig hoor, Iran, maar het wordt nu wel langzaam tijd voor een goede party. Wat zou ik mij graag onderdompelen in een volle tent met een dampende beat, dansende meisjes en bier, veel bier. Maar er is hier niks. Het enige wat je hier kunt doen is rondhangen op straat en spelen met je telefoon. Je zou er depressief van worden. En dan zijn we toch weer terug bij de discodip.

Ik zou dus zeggen: laat je gaan I., drink wat en denk aan me.

Liefs,

N.

Advertenties

Eén reactie to “Discodip”

  1. Maarten S 20 december 2013 bij 19:19 #

    Zo’n mooie blauwe Zamyad wil ik ook wel!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: